Prijs voor Vernuft en Volharding
Zaterdag 31 maart 2012 markeren we als een gedenkwaardige dag. Onze inzet voor sprengen & beken en in het bijzonder voor watermolens is door de Stichting Molengiftenfonds beloond met een prijs voor Vernuft en Volharding. Jan van de Velde ontving deze prijs op persoonlijke titel, maar uiteraard met een zeer sterke binding met de Bekenstichting. De prijs werd uitgereikt tijdens de Algemene Vergadering van de Hollandsche Molen in het Koninklijk Instituut voor de Tropen te Amsterdam.
Het systeem van sprengen, beken en watermolens was en is vernuft. Onze aandacht blijft dan ook uitgaan naar nieuwe toepassingen van dit systeem en de molenlocaties. Nieuwe materialen voor raderen, de opwekking van energie en nieuwe gebruiksfuncties zijn hier voorbeelden van. Volharding behoeft nauwelijks uitleg. Al vanaf 1979 zetten wij ons in voor dit cultureel erfgoed. Jan van de Velde en de Bekenstichting: Van Harte!
Jan-Olaf Tjabringa
|
 |
|
S T R A T E G I E
B E K E N S T I C H T I N G
De bakens verzet – onze strategie Albert Willemsen; maart 2012
Het begon allemaal met een discussie over De Wijerd: moest hij in kleur of niet, moest hij niet breder verspreid worden, en was ons blad nog actueel qua vorm en inhoud? Al snel ging het over PR-beleid, en uiteindelijk bleek dat de strategie van de Stichting als geheel wel weer eens tegen het licht gehouden mocht worden. Met een groepje vrijwilligers hebben we de Stichting doorgelicht, volgens een methode die veel gebruikt wordt in de bedrijfskunde.
Gelukkig was het niet de eerste keer dat er aan de strategie werd gewerkt. In 2008 zijn er workshops geweest onder leiding van Peter Smits. Daar zijn de uitgangspunten en werkwijzen van de Stichting herijkt. Dat is heel goed gebeurd, want de uitgangspunten van toen staan vandaag nog fier overeind. Wel zijn de accenten anders komen te liggen: we kijken nu meer naar de omgeving van de beek. Bovendien is energiewinning uit de beken op de agenda gekomen.
Vervolgens hebben we onze omgeving onderzocht. Wat gebeurt er allemaal om ons heen? We ontdekten al snel dat er veel verandert bij de overheden. Voor natuur neemt het politieke en maatschappelijke draagvlak af, maar voor behoud van cultuurhistorie en de ontwikkeling van ‘ensembles’ van cultuurhistorie en natuur is brede steun. Het Internet is allesoverheersend geworden in de communicatie en PR. En tenslotte zagen we dat er grote kansen waren in toerisme en recreatie, want recreanten willen graag meer weten over de plaatsen waar zij zich bevinden. Er zijn ook minder prettige ontwikkelingen: de Waterschappen zijn druk met fusie en reorganisatie, wat onze positie minder zeker maakt. Wateronttrekkingen schaden de beken permanent.
Toen onze omgeving in kaart was, hebben we de Stichting zelf onder de loep genomen. We hebben gekeken naar de ontwikkeling van het donateursbestand en de financiën, naar de wijze waarop we georganiseerd zijn en nog een heleboel andere aspecten. Wat ons opviel was dat we veel invloed hebben, meer dan je op grond van ons aantal zou mogen verwachten. Dat komt door de kwaliteit, de inzet en de diversiteit van onze mensen. Bovendien hebben we een goed netwerk bij instanties, en worden we beschouwd als vertegenwoordiger van bewoners. Daar staat tegenover dat er al jaren weinig nieuwe aanwas is in ons donateursbestand. Communicatie naar de buitenwereld is bij ons niet sterk ontwikkeld, en er is weinig centrale coordinatie van lokale activiteiten.
Dit alles combinerend kwamen we met het DB tot de conclusie dat we nieuwe doelen nodig hebben. Niet dat het slecht gaat, integendeel. De Stichting heeft juist heel veel bereikt! Nu het herstelprogramma bijna voltooid is en het onderhoud van de beken bij de waterschappen geregeld is, is het tijd om vooruit te kijken. We moeten nieuwe doelen te stellen die passen bij de kansen en uitdagingen van deze tijd.
In een vergadering met het Algemeen Bestuur hebben we een tweetal belangrijke keuzes gemaakt. Allereerst zullen we ons de komende jaren gaan richten op behoud en verbetering van ensembles – van beek en omgeving dus. Dat gaan we doen met de middelen die we vanouds gebruiken: inzet van kennis en lobbywerk bij overheden. Daarnaast zullen we ons met PR en communicatie gaan richten tot recreanten en toeristen. Onze kennis is voor hun aantrekkelijk, en hoe meer mensen van de beken weten hoe meer steun wij krijgen. Het betekent wel dat er dingen moeten veranderen, want communicatie naar het grote publiek is niet ons sterkste punt. Daar is dus werk aan de winkel! Hieronder vindt u een oproep voor wie daaraan wil bijdragen.
OPROEP – we hebben u nodig! Om het nieuwe PR-beleid op te zetten hebben we een groepje actieve mensen nodig die het leuk vinden om onze boodschap naar buiten te brengen. We zullen geschikte doelgroepen moeten zoeken en ze actief benaderen met informatie die voor hun interessant is. Leden van historische verenigingen bijvoorbeeld zullen interesse hebben in de geschiedenis van molens, maar KNNV-leden lezen liever over het leven in de beek. Ons eerste project gaat over de Hierdense beek en zijn omgeving, van de bron bij het Uddelermeer tot de monding in het Veluwemeer. We willen die onder de aandacht brengen van de bevolking en de lokale bestuurders, zodat zij de waarde en de samenhang van het geheel van beek, molens, landgoederen en omliggende natuur goed gaan beseffen.
We zijn op zoek naar mensen die het leuk vinden om PR te bedrijven: contacten leggen met lokale pers en verenigingen, stukken schrijven, nieuwsmomenten creëren, tentoonstellingen ontwerpen, events organiseren. Als u hier ervaring mee heeft of die wilt opdoen, meld u aan! Als u in de buurt van de Hierdense beek woont, dan treft dat dubbel.
|
Wim Kers in het zonnetje gezet.
Wim Kers, contactpersoon van de Bekenstichting in Apeldoorn en Ugchelen, heeft voor 2011 de Dorpsprijs van Ugchelen, de 'Ugchelse Kei' ontvangen. Wim is een gedreven beken- en watermolendeskundige en kreeg deze prijs voor zijn jarenlange inzet voor het behoud van de Ugchelense sprengen en beken, evenals voor zijn doorzettingsvermogen voor het renoveren van waterradmolens in het dorp. Het laatste project waaraan hij werkte was het waterrad van de Winnemolens dat in oktober 2011 in gebruik werd gesteld. Ook zette Wim zich in voor basisschoolleerlingen. Ze kregen van hem te horen dat 'de ontwikkeling van Ugchelen voornamelijk is te danken aan onze sprengen en beken en de daaruit voortvloeiende papierindustrie en later de wasserij-industrie' .
Gefeliciteerd, Wim!
|