De toestand van sprengenbeken

Waarin de auteur enkele persoonlijke gedachten en observaties aan de lezer doorgeeft.

De Bekenstichting:
De Stichting tot Behoud van de Veluwse Sprengen en Beken bestaat dóór haar vrijwilligers.
We hebben ruim 450 donateurs; een redelijk aantal van hen is ook daadwerkelijk betrokken bij de activiteiten van de Bekenstichting. Waterschap Veluwe omschrijft hen als: “betrokkenen die belangeloos hun hart verpand hebben aan deze bijzondere elementen en hun landschappelijke samenhang”.
Onze Stichting kent vanzelfsprekend een Algemeen Bestuur (AB) en een Dagelijks Bestuur (DB).
Bijzonder is dat we Contactpersonen kennen. Zij houden ieder een cluster van sprengenbeken in de gaten. In de Wijerd 31-1 beschrijft een van de contactpersonen op bladzijde 23 en volgende hoe hij zijn taken invult. Hij ziet zich als een soort “waakhond” van de sprengenbeek en de omgeving waarin deze ligt.
Ik kan me goed voorstellen dat een contact-persoon zó betrokken is dat hij/zij denkt: “Het is MIJN beek en dat 7 x 24” (= 7 dagen/week gedurende 24 uur/dag).

Eendrachtspreng – A.H. Bongers, april 2010

Onderhoud door de waterschappen:
De Bekenstichting streeft naar het behouden en verbéteren van Veluwse sprengenbeken. Daar zetten we ons voor in. Wij zijn echter niet een professionele organisatie met hiërarchische verbanden zoals het Waterschap; maar een vrijwilligersorganisatie.
De Bekenstichting is in 1979 opgericht. In de eerste jaren werkten onze eigen mensen aan beekrestauratie en het onderhoud.
Enkele jaren na het ontstaan van onze Stichting werd het onderhoud van de sprengenbeken door de Provincie opgedragen aan de waterschappen. Op onze jubileumbijeenkomst heb ik daarover gezegd:
De waterschappen werken nu al vele jaren gestaag aan herstel van de vele kilometers sprengen en beken. Op hun aanpak levert de Bekenstichting ongevraagd haar zienswijzen; het liefst doen we dat al vóór de planfase. Soms geeft dit aanleiding tot discussie en overleg met de waterschappen. Maar we komen eruit!
De waterschappen doen hun werk goed.

Vasthouden:
De waterschappen beheren het oppervlaktewater. Vroeger werd oppervlaktewater zo snel mogelijk afgevoerd. Dan bleef het land droog. De overheid meent nu dat water ook wel moet worden vastgehouden. Door de eeuwen heen werd het water in de sprengenbeken en wijerds op gezette tijden al vastgehouden à de waterrechten.
Als we afgaan op uitspraken van rechtbanken zal dit vasthouden toen tot vele indringende gesprekken geleid moeten hebben. Bijvoorbeeld tussen de molenaar van de Cannenburgher Molen en de molenaar op de benedenstroomse Amsterdamse Kopermolen in Vaassen.
Ik stel me voor dat dit ging in de trant van: “Ik ga water vasthouden; heeft u daar last van? + Wat kan ik eraan doen om dat te voorkomen?“
Molenaars willen namelijk op hun tijd voldoende water hebben. Voor dit doel zijn de sprengenbeken in de afgelopen eeuwen toch aangelegd.

Sprengenbeken zijn cultuurhistorisch erfgoed:
De sprengenbeken op de Veluwe zijn vanaf de 14e eeuw gegraven en aangelegd. Die inspanning was een investering om graan te n malen, om olie te slaan, om koper te pletten, om papier te maken, om te wassen. Het gaat dan om de sprengenbeken vanaf hun oorsprong in de sprengkoppen tot waar ze uitmonden. Zij vormen ons cultuurhistorisch erfgoed.
Ook oude gebouwen vertellen over onze cultuurhistorie en die zijn daarom waardevol om te behouden. Je moet ze niet afbreken.
Dus: zoals je het middeleeuwse Gemeenlandshuis van het Hoogheemraadschap van Delfland niet afbreekt omdat je stenen nodig hebt; zo demp je ook geen sprengenbeken omdat je water nodig hebt voor vernatting. Vernietiging van rijke cultuurhistorische objecten is verderfelijk!

Toch kun je overwegen minder waardevolle beken (enigermate) te laten verlanden zodat er water in het brongebied wordt vastgehouden. Op die manier kan vernatting worden bewerkstelligd. [er zijn betere methoden om dat te bereiken; daarover wordt in de komende Wijerd geschreven] Maar dan moeten er, als compensatie, ook nieuwe sprengenbeken worden aangelegd. Dit is analoog aan de verplichte compensatie die wordt opgelegd indien er een bos of een aanzienlijk aantal bomen wordt gerooid.

Samenhang/Ensembles:
Er is een samenhang van de sprengenbeken met de omgeving waarin ze voorkomen. Want het gaat niet alleen om de sprengenbeek op zich met de strook van anderhalve meter aan beide zijden. Die zijn in het bezit van de beekeigenaren. Als Bekenstichting hadden wij daarom beekeigenaren in ons bestuur. Het gaat ook om de 25 meter aan beide zijden van de sprengenbeek waarin niet gebouwd mag worden; zoals in de Gemeente Apeldoorn.
Maar ook een forellenkwekerij, die mag lozen op het zuivere beekwater in de bovenloop, opereert in samenhang met de sprengenbeek.
En er is ook een verband met bijvoorbeeld De Veluwse Bron, een wellness-centrum in de benedenloop van de Smallertse beek.
Zo’n samenhang wordt onder deskundigen ook wel aangeduid als een ensemble.

Samenwerking:
Bij de inrichting van zulke ensembles zijn veel partijen betrokken. We moeten dan denken aan De Provincie, Gemeenten, Waterschappen, (molen-)eigenaren, omwonenden, oudheidkundige verenigingen, etc. Die moeten al in een vroeg stadium bij een veranderingsproces worden betrokken. Onze Bekenstichting kan in dit proces vanaf het begin een stimulerende en samenbindende rol vervullen. Wij kunnen veel betekenen voor het behoud en de verbetering van sprengenbeken. Vooral als we er vroeg bij zijn.
Wij zijn namelijk geen voetbalvereniging met enkele oefenvelden aan een beek. Want die wordt pas geïnformeerd in het stadium waarin de uitvoering plaatsvindt. Overigens is dit een goede zaak om omwonenden over de uitvoering te informeren en erbij te betrekken.

Functies:
Sprengenbeken zijn ervoor om voldoende water aan nog functionerende molens te leveren. Maar sprengenbeken hebben ook andere functies zoals:
– De Recreatief/toeristische functie
en dus (nog steeds)
– Een Economische functie,
– De Ecologische functie,
– Een Landschappelijke functie,
– De Cultuurhistorische functie,
– Een Verhalende functie,
– etc.

Gevolgtrekking:
Het verbeteren van sprengenbeken vraagt dus om een multidisciplinaire aanpak.
Maar nog specifieker: Mijns inziens VERDIENEN sprengenbeken (ensembles) een multidisciplinaire aanpak!

Ons waterschap:
Waterschappen hebben een belangrijke rol bij de realisatie van het behouden, herstellen en het verbeteren van sprengen en beken. Het zijn ónze waterschappen omdat het de oudste democratische overheidsorganen zijn; organen die door ons worden gekozen + waaraan wij waterschapslasten betalen.
Soms zijn we het op een plezierige manier oneens met de plannen van ónze Waterschappen. Wij stellen onze multidisciplinaire aanpak beschikbaar voor het verbeteren van de waardevolle mooie ensembles van sprengenbeken.

Jan van de Velde VdS

Beekherstel aan de beken op de Zuid-Veluwe

Uit De Wijerd nummer 4 van 2007, pg 114 e.v.

Na het beekherstel in het Renkumse en Heelsumse beekdal wordt er dit jaar in opdracht van Waterschap Vallei & Eem hard gewerkt aan meerdere Doorwerthse en Oosterbeekse beken. We lopen ze even langs, van west naar oost.

De Dunobeek
Dit wordt beperkt uitgevoerd. Het Geldersch Landschap heeft nog wat nader onderzoek gedaan naar de cultuurhistorie van de Duno. Alle tuinelementen en de resten van de cementrustiek (de namaakrotsen) zijn geïnventariseerd. Aan de hand van alle gegevens wordt een plan voor herstel gemaakt, waar het Cascadedal deel van uitmaakt.Om deze reden voert het waterschap hier slechts een klein deel van het beekherstel uit. Onderaan de beek, naast de Helkolk, is het pad weer begaanbaar gemaakt onder meer door de aanleg van een vlonderpad. Waar nodig is nieuwe beschoeiing geplaatst.

De Beek langs de Fonteinallee
Deze begint al ver naar het oosten, vóór de Dunobeek er in uitstroomt. Al eerder werd het volgende uitgevoerd. Bij het dijkje van kasteel Doorwerth gaat de beek onder de Fonteinallee door. Via een nieuw aangelegde beekloop, die deels door een betonnen goot loopt, is de beek naar de slotgracht van kasteel Doorwerth gevoerd. Zo vult het schone beekwater het waterpeil van de slotgracht aan. Dit jaar zijn in opdracht van het waterschap alle bestaande duikers vervangen door nieuwe met gemetselde keermuren. Op één plek is de Fonteinallee is versmald, omdat de beek is open gegraven. Over de hele lengte is de beek gebaggerd.

De Oorsprongbeek
Momenteel wordt er hard gewerkt aan de Oorsprongbeek. Watervallen worden opnieuw opgemetseld, de betonnen elementen worden bekleed met ‘misbaksels’ uit de steenfabriek. Beeklopen en vijvers worden uitgediept, de beek wordt op enkele plaatsen bovengronds gebracht. Het ‘grothuisje’ wordt – in een nieuwe vorm – weer gebouwd en hier kan de wandelaar over enkele maanden weer onder de beek door lopen. De zogenaamde ‘Barokke as’ is weer in oude glorie hersteld. Dit jaar worden de werkzaamheden aan alle kunstwerken van de spreng tot en met het grothuisje gedaan. In 2008 wordt verder stroomafwaarts gewerkt. Op de plek waar de ‘Benedenste molen’ en later de suikerfabriek stond valt het water nu in een enkele meters diepe waterval. Hier wordt de oude functie van de beek weer zichtbaar gemaakt d.m.v. het plaatsen van een houten goot, zoals die er eens was. Zodra het waterschap klaar is gaat ‘Het Geldersch Landschap’ de paden verbeteren en wordt het zwembad gerenoveerd. Bij de beek en de ‘Barokke as’ worden diverse banken geplaatst.

De spreng op de Hemelse Berg
Op oude kaarten is te zien dat de hooggelegen spreng op de Hemelse Berg vroeger verbonden was met de Gielenbeek. Deze diep ingegraven spreng heet ‘de Hel’. De naam wordt al begin 19e eeuw gebruikt, lang voor de gebeurtenissen in de septemberdagen 1944.
De vijver waar de spreng in uitloopt is de ‘Eendjesvijver’. Na een waterval aan de onderkant van de vijver bezinkt het water. Het komt vervolgens enkele tientallen meters lager op de helling als Gielenbeek weer bovengronds. Dit jaar is de ‘Eendjesvijver’ opgeknapt. Er is een natuurvriendelijke oever aangelegd, de vijver is geschoond, de stuw is vervangen en er is een nieuwe beschoeiing aangebracht.

De Gielenbeek
Het beekherstel aan de Gielenbeek is zo goed als afgerond. Hier is op meerdere plekken het metselwerk van bestaande stuwen vervangen of gerestaureerd.
De duikers zijn vervangen en nieuwe beschoeiingen zijn bij de vijvers aangebracht. Als verbetering voor wandelaars is een vlonderpad aangelegd en zijn wandelpaden opgehoogd. Er zijn natuurvriendelijke oevers aangelegd en de vijvers werden schoongemaakt. Onder de Benedendorpsweg wordt nog een open goot aangelegd en de Gielenbeek wordt ten zuiden van de weg weer bovengronds gebracht tot aan de visvijver, de voormalige wijer van de molen van Hooyer.

Wandeling langs de beken
Vooral een wandeling langs de Oorsprongbeek is een aanbeveling. Stevig schoeisel is een voorwaarde, want er wordt nog hard gewerkt voordat het bestek is uitgevoerd. Maar ook de andere aangehaalde beken zijn een bezoek zeker waard. Bijvoorbeeld op een zonnige winterdag is het heerlijk om aan de tegen noordenwind beschutte zuidkant van de Veluwe te wandelen.

Ruud Schaafsma

 

Stukje beekloop met “misbaksels”. Foto Ruud Schaafsma

 

Plaatsen van de kunstwerken (foto Lans Advies)

 

De Lunterse Beken

De najaarsexcursie van de Bekenstichting ging dit jaar naar de Lunterse Beek en Fort Daatselaar. Dit keer aandacht voor de Lunterse beken.

Lunterse beken zijn kwel- of laaglandbeken. Rondom Lunteren ontstaan en stromen een groot aantal beken. De belangrijkste hiervan zijn de Lunterse Beek, de Meulunterse Beek overgaand in de Overwoudse Beek, de Veender Beek welke overgaat in de Fliertse Beek, de Buzerdse Beek en de Nederwoudse Beek. De cultuurhistorische betekenis van deze beken is niet groot; er hebben nooit watermolens of wasserijen aan deze beken gestaan.

Het stelsel van de Lunterse beken is complex. Het water komt veelal uit zijslootjes die haaks op de beken staan. De beken waren slecht toegankelijk door afrasteringen en hekken, maar door de uitgezette klompenpaden zijn de beken beter bereikbaar geworden. Wandelaars kunnen de beken nu op meerdere plaatsen tegenkomen, ofwel bij kruising van wegen met de beken of op paden langs de beken.
De Lunterse Beek ontspringt ten westen van Lunteren, net in de bebouwde kom langs de rondweg, iets noordelijk van de Klomperweg. De beek stroomt naar het westen langs industrieterrein De Stroet richting Renswoude en Scherpenzeel. Een eindje ten westen van de kruising van de beek met de A30 komt de Overwoudse Beek uit in de Lunterse Beek. Ten noorden van Renswoude voegen eerst de Nederwoudse Beek en even verderop de Fliertse Beek zich bij de Lunterse Beek. De Lunterse Beek stroomt vervolgens onder Scherpenzeel langs en komt daar uit in het Valleikanaal.
De Veender Beek ontspringt ten zuiden van Lunteren en komt tussen Ederveen en Renswoude uit in de Fliertse Beek. De Meulunterse Beek ontspringt ten noorden van het Wekeromse Zand in de buurt van de Valkse Engweg. Vanaf de kruising met de spoorlijn Amersfoort-Ede wordt de beek Overwoudse Beek genoemd. De Nederwoudse Beek begint iets noordelijker en aan de westzijde van dezelfde spoorlijn, net zuidelijk van de gemeentegrens Ede-Barneveld. De Buzerdse Beek, ontstaat bij de ‘Buzerd’, een landgoedachtig waardevol gebiedje, liggend aan de oostkant van de A30 en voegt zich ten westen van de A30 bij de Nederwoudse Beek.

Ecologische verbindingszone
Het gebied dat zich uitstrekt van de noordkant van het Wekeromse Zand tot aan de noordkant ven Renswoude is aangewezen als deel van een ecologische verbindingszone. De verbindingszone moet vooral diersoorten als dassen en boommarters de mogelijkheid bieden om van de Veluwe naar de Utrechtse Heuvelrug te trekken. Daarnaast moeten de nattere delen van de zone, met name de Nederwoudse Beek en de Buzerdse Beek die in de zone liggen, ook voor diersoorten als kamsalamander en vissen weer een aantrekkelijk leefgebied worden. In 1999 is met de realisatie van deze verbindingszone gestart.
In het gebied rondom voormalig Fort Daatselaar zijn nu ook poelen aangelegd en is het maaiveld verlaagt, waardoor flora en fauna weer kansen krijgen.

Fort Daatselaar
Ten noorden van Renswoude, en even te noorden van de Lunterse Beek, ligt het voormalig fort Daatselaar, onderdeel van de Grebbelinie. De slotgracht van dit fort heeft ooit (situatie omstreeks 1850) stromend water gehad, gevoed door de oude loop van de Lunterse Beek.
Daar waar de Lunterse Beek de Slaperdijk kruist, ook een deel van de Grebbelinie, kwam de Sprakelaarsbeek uit in de Lunterse Beek. Die situatie is nu met het gereedkomen van het Plan Daatselaar 3 veranderd. De oorspronkelijke loop van de Lunterse Beek was al in een eerdere fase
hersteld en het water wordt nu weer door de oorspronkelijke loop langs de Slaperdijk geleid, samen met het water van de Sprakelaarsbeek, dat in een nieuw aangelegde natte zone met poelen uitkomt. De stuw in de Slaperdijk is nu een vaste overstort geworden, waardoorheen nog wel water stroomt, maar dit deel van de Lunterse Beek, zoals die tot de zomer van 2010 stroomde, is nu een hoogwatergeul geworden. Deze komt net noordelijk van de bebouwing van Renswoude weer in de nu nieuwe loop van de Lunterse Beek uit. Door de slotgracht van het fort stroomt nu weer water van de Lunterse Beek.
Door het stromend water in de slotgracht wordt de cultuurhistorische en natuurwaarde van fort Daatselaar hersteld en versterkt. Er was al een vispassage aangelegd net noordelijk van de camping en wellicht volgen er nog meer in volgende herstelfasen. De Nederwoudse Beek en Lunterse Beek worden daarmee migreerbaar voor beekfauna.
Ook rondom fort Daatselaar zijn klompenpaden uitgezet. De cultuurhistorie van de Gerbbelinie is hier beter in beeld gekomen.

Kaart beken Gelderse Vallei van de Provincie Gelderland.

Voor meer informatie wordt verwezen naar de site van het Waterschap Vallei & Eem. Zie ook de poster Visiekaart 2027 en inrichtingsbeelden 2015 van de Lunterse Beek.