Verslag jaarvergadering 30 maart 2017

Na het huishoudelijk gedeelte van de jaarvergadering, die op zeer efficiënte wijze door onze voorzitter werd geleid, waren er twee zeer interessante voordrachten.
Charlotte Witte beet de spits af en vertelde over de stuifzandbestrijding op de Veluwe en dan met name over het verschil van inzicht hierin tussen de Harskampers en de provinciale overheid. Vanaf de 16e tot 19e eeuw vormde het bestrijden van stuifzand een belangrijke taak van de provinciale overheid. Men was bang dat dit zand wegen of zelfs hele dorpen ging overstuiven en ook ‘onze’ beken liepen gevaar gezien een citaat uit 1823: “De zanden doen de kwellen en beken opdrogen of verstoppen”. Op allerlei manieren werd geprobeerd het zand te beteugelen. Er werden windschermen geplaatst van takkenbossen (bekribbing), er werd gewerkt met heideplaggen of er werd helmgras of bomen geplant (Bijv. Eik, vuilboom en vanaf circa 1800 ook Grove den). Dit alles met wisselend succes. Ook landeigenaren of gemeenschappen, zoals de Harskampers die gezamenlijk grond bezaten, werden verplicht tot het uitvoeren van maatregelen. De Harskampers wilden het echter wel op hun eigen manier doen, omdat in hun ogen de Provinciale overheid onvoldoende rekening met hun belangen hield. Zo was er rond 1846 een discussie over de plaats waar een ringwal moest worden aangelegd. De provinciale overheid wilde die op een stuk hei aanleggen terwijl de Harskampers dit liever in het zand deden (Heide was economisch erg waardevol). De maatregelen hebben door allerlei oorzaken een wisselend succes en uiteindelijk stopt de overheid met hun (financiële) hulp in 1852. Daarna doen de Harskampers het zelf en nu lijken de maatregelen langzaamaan succes te hebben. Vanaf 1870 begint het stuifzand steeds verder dicht te groeien, zodanig dat er nu onder de natuurwetgeving van Natura 2000 weer stemmen opgaan om het oppervlak aan stuifzand toe te laten nemen. Het onderzoek gaf een aardig kijkje in de keuken van vroeger. Maar eigenlijk is er sindsdien in de menselijke samenwerking weinig verandert: een top-down beleid vanuit de overheid leidt tot verzet en in sommige gevallen is het veel effectiever om de regels lokaal te organiseren. De overheid weet ten slotte niet altijd wat goed voor u is!
Vervolgens heeft Judith Westveer verteld over haar onderzoek in de Leuvenumse beek. Haar promotieonderzoek aan de Universiteit van Amsterdam richt zich op de verspreiding en kolonisatie van ongewervelde dieren (macrofauna) na het uitvoeren van beekherstelmaatregelen. Met haar onderzoek probeert ze een antwoord te vinden op de vraag welke eigenschappen maken dat een soort een nieuw of hersteld beektraject snel kan bevolken.
Haar onderzoek liet zien dat de kolonisatie vrij snel gaat. Na 1 jaar werden er geen nieuwe soorten meer aangetroffen. Wel bleef de totale hoeveelheid soorten achter bij de verwachting. Zo zijn er in de bovenstroomse delen van de Leuvenumse beek in totaal zo’n 250 macrofauna soorten aangetroffen (data waterschap Vallei en Veluwe), terwijl er in het onderzochte beektraject een kleine 100 soorten werden aangetroffen. Dat maakt het interessant om na te gaan waarom bepaalde soorten dit nieuwe beektraject wel kunnen koloniseren en anderen niet. Uit Judith haar onderzoek blijkt niet geheel onverwacht, dat de dichtheid van de soort bovenstrooms en de afstand van de dichtstbijzijnde vindplaats belangrijke factoren zijn. Daarnaast bleken echter ook andere factoren een belangrijke rol te spelen. Zo bleken predatoren een opvallend goed koloniserend-vermogen te hebben, waren soorten die zich actief voortbewegen (“lopen”) succesvol en bleken ook soorten die als “verzamelaar” hun eten bij elkaar sprokkelen succesvolle kolonisten. Door dit onderzoek hoopt Judith uiteindelijk voldoende inzichten te krijgen om verwachtingen voor toekomstige situaties op te kunnen stellen. Zo zou het voor een beheerder heel nuttig zijn om te weten of een bepaalde doelsoort na een herstelproject ook daadwerkelijk het aangepaste beektraject zal gaan koloniseren.

Jaap Postma

Verder op pad langs stromend water, deel 1, Bekenpad Epe, nu te bestellen!

22 april 2017, tijdens de voorjaarsexcursie in Tongeren (Epe), is het eerste exemplaar van het Bekenpad Epe uitgereikt aan de directeur van landgoed Tongeren, Charlotte Rauwenhoff. Ook de deelnemers aan de excursie op het landgoed Tongeren en in het beekdal van de Smallertse Beek hebben een exemplaar ontvangen. Het boekje bevat een viertal wandelingen en fietstochten langs de Eper beken. De tekst is geschreven door Henri Slijkhuis en de vormgeving is verzorgd door Eric Harleman.

De Eper beken bestaan uit een uitgebreid en ingewikkeld stelsel, dat de Tongerense-, Paal-, Vlas- of Vles-, Verloren- en Dorpsbeek omvat. Voor een deel gaat het om laaglandbeken, maar er zijn ook sprengen. Laaglandbeken zijn van oorsprong natuurlijk. Ze worden gevoed door neerslag en vooral ondiep grondwater. Sprengen zijn gegraven tot in het grondwater en dienen om een grotere hoeveelheid water in de beek te krijgen.
De betekenis van de Eper beken is groot. Uiteraard niet meer voor het leveren van waterkracht voor molens. De economische betekenis is verschoven naar recreatie en toerisme. De beken lopen als aders door het landschap en zorgen er mede voor, dat de campings en bungalowparken het gehele jaar flink bezet zijn. Van de wandel- en fietsroutes in de omgeving van de beken wordt veel gebruik gemaakt, zowel door toeristen als de lokale bevolking. Zoals alle cultuurelementen in het landschap, moeten sprengen, sprengenbeken en opgeleide beken worden onderhouden. Gebeurt dat niet, dan raken ze in verval en verdwijnen uiteindelijk. De sprengen moeten op diepte worden gehouden om de wateraanvoer te garanderen, dat betekent dat er regelmatig zand en modder moet worden verwijderd. Ook wijerds zullen af en toe uitgebaggerd moeten worden om te voorkomen dat ze gevuld raken met slib en bladeren. Bij de opgeleide beken als de Tongerense-, Vlas- en Klaarbeek vragen de wallen regelmatig onderhoud en moeten beschoeiingen en de leemlaag worden hersteld om te voorkomen dat de beek gaat lekken.
Langs de beken bevinden zich een aantal cultuurhistorische pareltjes. Eén van de mooiste is de Kopermolen in Zuuk. Deze molen staat er bij alsof er gisteren gemalen is. Veranderingen blijven plaatsvinden. Een paar jaar geleden is de Witte Beek dichtgegooid ten behoeve van natuurontwikkeling. Deze beek was een gegraven spreng, die de eveneens gegraven Tongerense Beek van water voorzag. Goed voor de natuur maar de keerzijde van het dempen is minder water in het Klaarbeekstelsel en dus ook minder water bij de nog in tact zijnde molen, de Kopermolen in Zuuk. Van de Witte Beek is de sprengkop als een cultuurhistorisch monumentje blijven bestaan.


“Verder langs stromend water, deel 1, Bekenpad Epe” is verkrijgbaar bij de boekhandel in Epe en Vaassen en bij het VVV in Epe of bestellen bij het secretariaat van de Bekenstichting.
De gids van 87 pagina’s bevat naast de route-beschrijvingen veel informatie over planten, dieren en cultuurhistorie, die u op uw route kunt zien.

Bestellen kan bij info@sprengenbeken.nl of tel. 0578 631459

Voorjaarsbijeenkomst contactpersonen Bekenstichting

Afgelopen zaterdag 8 april 2017 hebben de contactpersonen van de Bekenstichting een excursie gehouden op Landgoed Klarenbeek (Voorst). Dit prachtige landgoed is al zeven generaties in bezit en beheer van de familie Krepel. In de Wijerd van maart jl. is door Eefje Huisman een mooi artikel verschenen over dit landgoed. Door de eigenaren zijn indertijd een school en een katholieke kerk op het landgoed neergezet en zijn begraafplaatsen aangelegd. Het dorp Klarenbeek is hierdoor mede ontstaan en heeft zijn ontwikkeling voor een groot deel aan deze ontwikkelingen te danken.

O.l.v. Bert Visser en Eefje Huisman kregen we uitleg over de historie van het landgoed , waar vroeger een molen met een koperpletterij was aan de Klarenbeek en later een fabriek voor de fabricage van sigarenkistjes. Het beheer van de gebouwen en het landgoed werd uitgelegd en welke ontwikkelingen er op dit moment gaande zijn aan de prachtige gebouwen en het park. De mooie monumentale panden bieden nu onderdak aan Galerie Krepel waar zeer regelmatig kunstexposities worden gehouden en aan een feest- en vergaderruimte, alsmede een restaurant en een meubelrestauratieatelier. Op dit moment vindt op het landgoed de fabricage van o.a. deuren plaats.

De foto’s geven een beeld van deze bijeenkomst.

Van de voorzitter

Vernieuwde wandelroute langs de Erbeke:

Een aantal vrijwilligers van de Bekenstichting heeft met veel passie een nieuwe wandelroute samengesteld langs de Eerbeekse en Coldenhovense beek. Die beek werd lang geleden de Erbeke genoemd.
Deze wandelroute is een uitbreiding van de al bestaande wandelroute in het boekje “Te voet langs stromend water deel 2”. (nog steeds verkrijgbaar op ons  bureausecretariaat) Het wandelen duurt ongeveer 3 uren; de route is 10 km lang en loopt door prachtig bosgebied rond Eerbeek en langs de Coldenhovense en Eerbeekse beek. U kunt op meerdere plaatsen starten met deze mooie wandeling.

De folder is mede mogelijk gemaakt door een financiële bijdrage van Restaurant Grand Café De Korenmolen in Eerbeek en van de Stichting Geldersch Landschap en Kasteelen.

Ook in de omgeving van het dorp Epe zijn vier wandel- en fietstochten vernieuwd.

Dit boekje van 87 pagina’s bevat ook heel veel info over beken in die omgeving.

Nadere informatie vind u ons kwartaalblad De Wijerd.

Jaarvergadering 2017:

Op een prachtige voorjaarsavond hielden we in de (draaiende) Wenumse watermolen onze jaarvergadering.  Nadat het huishoudelijk gedeelte in hoog tempo was gepasseerd, kregen we twee inspirerende colleges van eminente jonge wetenschappers: Charlotte Witte en Judith Westveer.

Mij viel toen de boude uitspraak op van een overheidsdienaar uit een ver verleden (1847) die luidde: ‘Treurig is het echter hier de gevolgen van wanbegrip en kortzigtigheid te aanschouwen, maar elke redenering met hoeveel geduld en overtuiging ook geuit lijd schipbreuk op de onbuigzame wil van die landlieden welke eene treurige vermaardheid wegens hunne stijfhoofdigheid in die streken gekregen hebben. Hun eenig doel is de schapen teelt, voor dat onmisbare vee moet alles wijken.’  (Hier vinden op pagina 72)

én keek ik gefascineerd naar het ingewikkelde vectordiagram met resultaten van het veldonderzoek in de Leuvenumse Beek.  De analyse achter een dergelijke diagram is een Principle Component Analysis (PCA). Een analyse methode die veel gebruikt wordt in de community ecology (ecologie van natuurlijke gemeenschappen).  Daar gaat Judith dan ook op promoveren !

We wensen haar veel succes.

Badeendjes en emmers:

Maar er zijn nog meer jonge mensen bezig met de beken. Zo gaat Rianne Mars onderzoeken hoe we op een eenvoudige wijze het debiet (waterhoeveelheid per tijdseenheid in liters/seconde) van onze beken zouden kunnen afmeten. Badeendjes en emmers kunnen daarbij van dienst zijn. Door een emmer te houden onder de uitstroom van bijvoorbeeld een oude molengoot en door met behulp van de eendjes de stroom-snelheid enigermate te bepalen. Zo houden we het eenvoudig en krijgen toch inzicht. Rianne, die afstudeert aan de Wageningen Universiteit, doet dat vanuit het Waterschap Vallei&Veluwe op initiatief van onze werkgroep Hydrologie. Zij zal over de resultaten van het onderzoek en de initiatieven die daaruit volgen voor ons nog een kort artikel schrijven.

De grote waarde van de sprengenbeken op de Veluwe:

De beken op de Veluwe zijn gegraven en aangelegd om honderden watermolens van (water-)kracht te voorzien. Ze zorgden eeuwenlang voor het draaien van de economie. Momenteel is Toerisme&Recreatie een belangrijke pijler onder de economie op de Veluwe. In enkele gemeenten zoals Epe en Brummen is Toerisme&Recreatie zelfs de belangrijkste economische pijler. Maar over de grote waarde van de sprengenbeken voor toeristen en recreanten is weinig bekend.

De ensembles van de fraaie beken en hun omgeving zijn cultuurhistorische monumenten. Maar: Hoe waarderen bezoekers zoiets ?  (als ze er al van weten)  De beken in hun ensembles vormen bovendien ecologische enclaves én ze leveren ook een bijdrage aan de hydrologie op de Veluwe.

De waarde van een collectief goed in vrijetijdsgebruik is lastig te bepalen maar zeker wel mogelijk. Dat is de uitdaging  waarmee een geïnteresseerde student van Saxion in het najaar aan de gang gaat.

Waterkracht is afhankelijk van η = rendement :

Onlangs kregen we van een betrokken beekliefhebber de vraag of de Bekenstichting zich bezig houdt met de opwekking van energie vanuit de kleine waterstromen op de  Veluwe.

→ Hoeveel elektrische energie kan je dan wel  “opwekken” met behulp van waterkracht ?

De beperkte hoeveelheid water die er vanuit de sprengenbeken op een rad valt zorgt dat het ook gaat draaien. Hoe snel en vooral hoe krachtig het rad draait is afhankelijk van de valhoogte en van het debiet (waterhoeveelheid per tijdseenheid in liters per seconde)

Laten we er eens van uitgaan dat dit met een vermogen van 10 kiloWatt (kW) gebeurt.

Daarvoor heb je bij een valhoogte van ~3 meter wel meer dan 200 liters/seconde nodig.

Omdat een bovenslagrad een rendement η heeft van zo’n 60 % komt 60 % van die 10 kiloWatt ook terecht in de langzaam draaiende as. ( 60% van 10 kW = 6 kW). Dan volgt een tandwielkast om het toerental op te voeren. Een elektrische generator heeft namelijk veel toeren per minuut nodig om te kunnen functioneren. Vanuit de tandwielkast en de opvolgende elektrische generator komt, door hun rendementen η van ieder zo’n 80 %,

dus 80%  van 80 % van 6 kW, ofwel 3,84 kW terecht bij de stuurelektronica.

Ook dat kastje heeft een rendement van hooguit 80%;  zodat uiteindelijk maar ongeveer

3 kW aan elektrische vermogen “opgewekt” en beschikbaar komt.

Het totaal-rendement is opgebouwd uit de opeenvolgende rendementen van het rad, de tandwielkast, de elektrische generator en de stuurelektronica.  η = 0,6 x 0,8 x 0,8 x 0,8

En dan is er ook nog weinig water in onze fraaie sprengenbeken. En dat moet zo blijven!

(De èta  η is de zevende letter van het Griekse alfabet. In de fysica wordt deze grootheid gebruikt om een rendement of verliescoëfficiënt aan te duiden.)

Jan van de Velde, 11 april 2017

Voorjaarsexcursie Landgoed Tongeren

De voorjaarsexcursie van de Bekenstichting is dit jaar op zaterdag 22 april 2017 en gaat naar Landgoed Tongeren en het dal van de Smallertse beek/Schaveren.

Locatie: Anna’s Hoeve. Molenweg 80, 8162 PG Epe (Tongeren).

Programma

9.30 – 10.00 uur Ontvangst met koffie/thee, welkom door de voorzitter Jan van de Velde
10.10 – 10.30 uur Ontwikkelingen op het landgoed Tongeren
door Charlotte Rauwenhoff, directeur landgoed Tongeren
10.30 – 12.30 uur Excursie o.l.v. Adrie Hottinga en Heiko Tjabringa
12.30 – 13.30 uur Lunch in Anna’s Hoeve met toelichting inventarisatieproject KNNV Dal van de Smallertse beek
door Adrie Hottinga en Dirk van Alphen
13.45 – 15.30 uur Excursie o.l.v. Adrie en Dirk
15.45 uur Afsluitende consumptie

Kosten excursie: € 22,50 incl. boekje.

Toelichting excursies

Op het landgoed Tongeren is natuurontwikkeling uitgevoerd als compensatieopgave voor nieuwe natuur in verband met landbouwkundige ontwikkelingen op een deel van het landgoed. De opgave is interessant in het kader van cultuurhistorische doelen van beken en sprengen.
In het dal van de Smallertse beek zijn natuurdoelen mogelijk, maar landbouwkundige doelen belemmeren een systeemopgave in het beekdal. Tijdens de excursie wordt aandacht besteed aan cultuurhistorische en archeologische waarden van dit gebied.

Let op: Opgave tot 15 april

info@sprengenbeken.nl of tel: 0578 631459.

Jaarvergadering 30 maart 2017

Op 30 maart houdt de Bekenstichting haar openbare jaarvergadering. De vergadering is in de Wenumse Watermolen, Oude Zwolseweg 164, Wenum. De vergadering beint om 20.00 uur. Vanaf 19.30 uur ontvangst met koffie.

De agenda is als volgt:

  1. Opening/mededelingen door de voorzitter ( Jan van de Velde)
    Jaarverslagen secretarieel en financieel en verslag Kascommissie.
    Gelegenheid tot vragen stellen n.a.v. de bovenstaande onderwerpen
  2. Lezing Charlotte Witte (meer informatie zie onder)
  3. — pauze —
  4. Lezing Judith Westveer – Leuvenumse Beek (meer informatie zie onder)
  5. Afsluiting

De jaarverslagen secretarieel en financieel zijn te downloaden op de site en zullen ook ter inzage liggen in de Wenumse Watermolen. Zie hier voor de jaarstukken.

Routebeschrijving: 
Vanaf Vaassen: richting Apeldoorn (dorpenweg). Na de Haere (woonwagencentrum) linksaf de Nieuwe Molenweg of de Ramsbrugweg inrijden. De eerste kruising is die met de Oude Zwolseweg. Hier rechtsaf richting Wenum. Na de brug ligt links de Watermolen.
Vanaf Apeldoorn: richting Vaassen (dorpenweg). Na het Van Haeftenpark rechtsaf de Oude Zwolseweg inrijden. In een ruime bocht in Wenum linksaf richting Vaassen. Na ca. 100 m. (en voor de brug) ligt rechts de Watermolen.

Er is een ruime parkeerplaats achter de molen, te bereiken via de Astaweg.

Inhoud Lezingen:

De Bekenstichting werkt op de gehele Veluwe. Een zanderig heuvellandschap met daarin kleine waterstromen; de beken. Charlotte Witte heeft onderzoek gedaan naar stuifzandbestrijding op de Veluwe in het verre verleden. Stuifzand raakt indirect aan beken.  Charlotte is in archieven af en toe wat tegengekomen over beken die dichtstoven met zand, daar gaat ze kort wat over vertellen. Ook laat ze ons kennismaken met de fysische geografie (hoe ontstonden de zanden, waarom liggen ze waar ze liggen e.d.). In haar scriptie heeft ze vooral gefocust op de bestrijding van de zanden door de provincie enerzijds en de lokale markegenootschappen anderzijds. Over de methodes die ze gebruikten en de frictie die er tussen hen ontstond. Nu werken we in waterpartnerschap. Wellicht kunnen we leren van de oplossingen die de partijen in het verleden (1500…1884) kozen… Lees hier meer. 

Judith Westveer

Judith Westveer bij de Leuvenumse Beek

De lezing van Judith Westveer gaat in op de de dispersie en kolonisatie van macrofauna na beekherstelmaatregelen.
Nederlandse laaglandbeken zijn dynamische waterlichamen die veel verschillende omstandigheden te verduren krijgen zoals droogte, piekafvoeren en hoge ladingen nutriënten uit afvalwater. Aquatische macrofauna, de inwoners van deze laaglandbeken, zullen zich moeten verspreiden naar andere delen van de beek wanneer de omstandigheden ongunstig zijn. De verspreidingscapaciteit van elke soort is afhankelijk van specifieke eigenschappen, zoals vleugels of zwemharen. Maar het blijkt dat niet elke soort met vleugels of zwemharen de weg weet te vinden naar nieuwe beektrajecten. Het is dus niet bekend welke eigenschappen, of combinatie van eigenschappen, nou echt een sleutelrol hebben in een succesvolle verspreiding en de daaropvolgende kolonisatie. De resultaten uit een langdurige veldstudie, waarin we drie gerestaureerde stukken van de Leuvenumse beek hebben gemonitord, zullen gepresenteerd worden. Door te weten welke eigenschappen leiden tot een succesvolle verspreiding en welke eigenschappen juist niet voordelig zijn tijdens verspreiding/kolonisatie kunnen we beekherstelmaatregelen optimaliseren en verwachtingen van beekrestauratie bijstellen.

Maart nummer Wijerd: beken stromen niet vanzelf!

Beken stromen niet vanzelf. In de nieuwste uitgave van het kwartaalblad De Wijerd is daarover een keur van verhalen te vinden.

De kwartaalwandeling in deze Wijerd is de Loenense Bekenroute, waarbij ook de Middelste Molen in

Loenen onder de aandacht wordt gebracht. De Stichting Museum de Middelste Molen produceert nog steeds papier op authentieke wijze en dit proces is ook te bekijken, zie de site http://www.demiddelstemolen.nl/.

Ten zuiden van Apeldoorn ligt Klarenbeek. De eigenaar van huize Klarenbeek vertelt over de voormalige sigarenkistjesfabriek op zijn terrein en hoe met het landgoed wordt omgegaan; er is nu een museale functie en het is een zgn. trouwlocatie.

Tussen Arnhem en Dieren zijn ook landgoederen! De beheerders van Hof te Dieren en Kasteel Middachten nemen u mee en vertellen over het onderhoud en soms zorgen over het water en het terrein.

Landgoed Bronbeek in Arnhem sluit de rij van landgoederen af. Vele elementen van de oorspronkelijke aanleg zijn behouden en door de vele monumenten is het een herdenkingsplaats voor veteranen en nabestaanden van slachtoffers van de Japanse bezetting in Z-O Azië.

Het laatste artikel gaat over het Waterbronpark in Apeldoorn. De gemeente Apeldoorn heeft uitgebreid beekherstel uitgevoerd o.a. in de wijk Orden en vele sprengen en beken “boven de grond” gehaald in het stedelijk gebied. Dit biedt natuur in de stad en zorgt voor betere waterafvoer bij verhoogd wateraanbod.

Op de agenda staan de Jaarvergadering op 30 maart in de Wenumse Watermolen en de Voorjaarsexcursie naar de nieuwe natuur in Tongeren en het dal van de Smallertse Beek op 22 april 2017, zie de agenda.

(De omslagfoto is niet, zoals op pagina 3 van de Wijerd vermeld, het Apeldoorns Kanaal bij Loenen. Deze foto is de Paardengracht van Kasteel Middachten, De Steeg. De fotograaf is Jan van de Lagemaat. Onze excuses.)

Nieuwsgierig geworden? Bestel een exemplaar bij het secretariaat, Mevr. Zwier Hottinga-Doornbosch, info@sprengenbeken.nl, tel: 0578 631459

Of wordt donateur. Dit kan al vanaf € 20,- per jaar. Zie hier.

 

Nieuwste Wijerd met veel bekenverhalen

In de nieuwste uitgave van kwartaalblad de Wijerd behandelt de Stichting tot Behoud van de Veluwse Sprengen en Beken, kortweg de Bekenstichting, weer tal van interessante onderwerpen. Het hoofdartikel is gewijd aan een laag gebied waar de “Bloemendaalse Beek” als een ader doorheen stroomt. De naam is een prachtige aanduiding want bloemen zijn er volop te vinden; met name in het voorjaar. De Eper historicus Henri Slijkhuis duikt in de geschiedenis ervan. De Stichting Geldersch Landschap en Kasteelen is op verzoek van onze Provincie in januari 2016 een gebiedsproces gestart, waar ook het gebied Bloemendaal onderdeel van uitmaakt. De toekomst zal leren of de Bloemendaal nóg mooier gaat worden.

wijerd4-2016-omslag

Henri beschrijft ook de Hüvener Múhle, een combinatie van een watermolen met onderslagrad waar bovenop een windmolen is gebouwd (foto). Die staat in het Emsland in Duitsland.

Frans Scholten uit Laag Soeren vertelt zijn mondelinge geschiedenis en de beschreven kwartaalwandeling is langs de Vrijenbergersprengroute.

In een plezierig interview met Flip Witte komt de waterkringloop op de Veluwe aan de orde en die vindt grotendeels ondergronds plaats. Bovendien komt de paaitrek van de winde in de Hierdense Beek aan de orde. De Stichting werkt namelijk op de gehele Veluwe. Zo wordt ook de waterfilterkelder aan de Seelbeek in Heveadorp volgend jaar gerestaureerd. In de volgende Wijerd zal een artikel van Lodewijk Rondeboom hierover verschijnen.

Verder staan in deze Wijerd 2 excursieverslagen, namelijk de najaarsexcursie die de Bekenstichting eind oktober op het landgoed Voorstonden en in Eerbeek organiseerde en een mooie en leerzame middag voor contactpersonen met excursie bij de Rosendaelse Beek. In het voorjaar van 2017 staan er weer diverse excursies op het programma.

De Bekenstichting is actief; want het stroomt niet vanzelf !

Nieuwsgierig geworden?

Bestel een exemplaar bij het secretariaat:
Mevr. Zwier Hottinga
info@sprengenbeken.nl
tel: 0578 631459

Veluwe onder de oppervlakte

Op ‘de Veluwenaar‘, de weblog van de Jac. Gazenbeekstichting, zijn twee artikelen gepubliceerd van de hand van ons bestuurslid Wiebe Kiel over wat zich zoal onder de oppervlakte van de Veluwe afspeelt. In het eerste artikel beschrijft Wiebe het ontstaan van de sprengen en de beken. Onderaan het artikel staat een prachtig filmpje met Anton Koot over onze beken. Het tweede stuk gaat in op de toekomst van de Veluwse beken.

vignet-gazenbeek

In 1991 werd in Lunteren de Jac. Gazenbeekstichting opgericht met als doel: enerzijds het uitdragen van het gedachtengoed van de Veluwse schrijver Jac. Gazenbeek (1894-1975) en anderzijds zich inzetten voor het behoud van het streekeigene van de Veluwe. Op de weblog verschijnen geregeld interessante artikelen over de Veluwe. Leuk om in de gaten te houden!

Najaarsexcursie Eerbeekse- en Voorstondense Beek

De Najaarsexcursie op 29 oktober 2016 naar de Eerbeekse en Voorstondense Beek met daaraan gekoppeld de excursie naar Havezathe Voorstonden en de waterpartijen van het aansluitende gebied van Natuurmonumenten, alswel het bezoek aan de oliemolen te Eerbeek is succesvol verlopen. Dat is uiteraard goeddeels te danken aan de deelname van veel mensen (de excursie was heel snel volgeboekt) maar zeker ook aan het enthousiasme van de medewerkers van het Waterschap en de gemeente Brummen en de rondleiders bij Voorstonden. Het prachtige weer deed daar nog een schep bovenop.

Voor alle deelnemers werd nog eens duidelijk hoe belangrijk de beken zijn geweest (en voor een belangrijk deel nog zijn) voor de opkomende industrie en de watervoorziening van o.a. landgoederen. Het cultuur-historisch karakter van de beken moet dan ook beschermd worden.

Het is ook goed te vermelden dat door de excursie de contacten van tussen de diverse partijen weer zijn aangehaald en er reeds afspraken zijn vastgelegd om de samenwerking tussen de partijen en hun verschillende belangen nieuw leven in te blazen. Het is dus zowel voor de deelnemers, als voor de medewerkers van het Waterschap, de gemeente Brummen als wel Voorstonden en Natuurmonumenten een succesvolle middag geweest en uiteraard voor de Bekenstichting.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA OLYMPUS DIGITAL CAMERA
OLYMPUS DIGITAL CAMERA OLYMPUS DIGITAL CAMERA
OLYMPUS DIGITAL CAMERA OLYMPUS DIGITAL CAMERA
OLYMPUS DIGITAL CAMERA OLYMPUS DIGITAL CAMERA
OLYMPUS DIGITAL CAMERA OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Joram van Breda