Tiemensmolen (De Oude Olijphant)

Tiemensmolen  (De Oude Olijphant) Ugchelse Beek

Deze molen is als papiermolen gesticht in 1619. In 1665 is er sprake van twee molens tegenover elkaar; beide molens heetten in 1823 ‘De Olijphant’. In 1877 werden beide molens omgezet in wasserijen. De linker molen is daarna nog een tijdje lang korenmolen geweest maar werd weer verbouwd tot wasserij. Beide gebouwen maakten later deel uit van ‘Texoclean’. De beek stroomt er niet meer langs. Het water wordt een eindje stroomopwaarts afgeleid in de Winkewijert, een parallel lopende beek van de vroegere molen De Liere.

Stroboeksmolen (Molen Ter Hoeven)

Stroboeksmolen  (Molen Ter Hoeven) Stroobroekbeek

Dit was een in 1670 gebouwde volmolen die in 1739 is verbouwd tot papiermolen. In 1919 brandde de molen af. In 1920 werd er in het herbouwde gebouw een wasserij ingericht. Het rad werd in 1930 geplaatst aan de Middelste Molen. Het molenhoofd is verdwenen.

Stinkmolens

Stinkmolens   Grift bij Apeldoorn

Een zeem-, hennep- en ledermolen gebouwd  in 1610 of kort daarna. Er was ook een runmolen aan verbonden. Aan de kwalijke geur die de zeembereiding met zich mee bracht heeft de molen zijn naam te danken. Al in 1623 was er een papiermolen. In totaal waren er meer molens verdeeld over de rechter- en de linkeroever. In 1932 werd nog van waterkracht gebruik gemaakt. In 1939 kocht de gemeente Apeldoorn de molens op de linkeroever en brak deze af. De molen op de rechteroever was al in 1937 verdwenen.

Stinkmolen

Stinkmolen

Stinkmolen

Stinkmolen

Stadhoudersmolen (Korenmolen op Veldhuizen)

Stadhoudersmolen  (Korenmolen op Veldhuizen) Koningsbeek

De korenmolen van Het Loo werd hier in 1685 herbouwd. In 1884 werd een windmolen op het watermolengebouw gezet en kon de mulder met wind, water of beide draaien. Deze zogenaamde ‘watervluchtmolen’ kreeg de naam ‘De Hoop’. Naar de laatste eigenaar werd de molen ook wel de molen van Gardenbroek genoemd. De stadsuitbreiding betekende in 1970 het einde van de molen. De naam ‘Stadhoudersmolenweg’ herinnert aan deze molen.

Stadhoudersmolen

Stadhoudersmolen

St. Agnieten- of Begijnenmolen

St. Agnieten- of Begijnenmolen   Sint Jansbeek

Deze wordt voor het eerst genoemd in 1532. In 1913 werd het gaande werk van de Agnietenmolen afgebroken en bleef alleen het molenhuis over. De buitenmuur langs het water vertoont nog duidelijke sporen van de vroegere molenloop: het dichtgemetselde asgat en de steeds weer bijgepleisterde uitspoeling van cement door de vroegere waterval bij het rad. In 1993 werden een nieuwe molengoot en een waterrad aangebracht. Sinds 2004 is na een grondige verbouwing van het molenhuis hierin het Watermuseum gevestigd.
De gemeente Arnhem heeft in 2015 een nieuw rad geplaatst onder de molengoot. Dit rad heeft echter geen functie.

De Sint-Agnietenmolen, onderdeel van het Watermuseum

De Sint-Agnietenmolen, onderdeel van het Watermuseum

Waterspeelplaats bij het Watermuseum

Waterspeelplaats bij het Watermuseum

Sonsbeekmolen

Sonsbeekmolen  (Bruiningsmolen) Sint Jansbeek

In 1470 wordt melding gemaakt van deze molen, later (na 1636 naar de toenmalige eigenaar) Sonsbeekmolen genoemd. De ligging van deze korenmolen, later ook eekmolen, moet gezocht worden ter hoogte van de Zwanenbrug of in de buurt van de erboven liggende kleine waterval bij het Sonsbeekpaviljoen. Na 1778 is de molen afgebroken.

Soerense Korenmolen

Soerense Korenmolen   Bovenbeek bij Laag Soeren

Deze is gesticht in 1805. In 1865 kwam de molen in bezit van Jut van Breukelerwaard die er een pension tegenaan bouwde: Sprengenoord. Dit was een pension voor min- en onvermogenden die in kuuroord ‘Bethesda’ behandeld werden. In 1950 zijn maalwerk, rad en goot verwijderd. In 1988 is het molengebouw gerestaureerd waarbij het gebouw Sprengenoord werd afgebroken.

Soerense Korenmolen

Soerense Korenmolen

Het gerestaureerde molengebouw van de Soerense Korenmolen. Raampjes en aanhechtingspunten van de goot zijn nog zichtbaar

Het gerestaureerde molengebouw van de Soerense Korenmolen. Raampjes en aanhechtingspunten van de goot zijn nog zichtbaar

Smallertse Molens

Smallertse Molens   Smallertse Beek

Papiermolens gebouwd omstreeks 1693. In 1854 is de zuidelijke molen tot korenmolen verbouwd. De noordelijke molen is omstreeks 1860 afgebrand. In 1910 werd de molenplaats verkocht aan de Nederlandsche Heide Maatschappij die hier een forellenkwekerij begon en een groot complex visvijvers aanlegde. Het oude molengebouw is al gauw daarna afgebroken.
Naast het huidige molengebouw is de gemetselde waterval enkele jaren geleden hersteld door het Waterschap.

Sint Jansmolen

Sint Jansmolen   Sint Jansbeek

De tweede en lager gelegen korenmolen die al in 1281 bekend was, lag bij de uitstroming van de Jansbeek in de stadsgracht. De beek werd ook de eerste watermolen aan de beek genoemd. In 1709 is de molen omgebouwd tot papiermolen,. In 1728 werden de vestingwerken zozeer uitgebreid dat de Jansbeek moest worden verlegd. De molen werd afgebroken en herbouwd bij het punt waar de verlegde beekbedding begon. In 1739 werd de molen ingericht als run- of eekmolen. In 1822 brandde de molen af. De molen lag bij de Jansbuitensingel op de plaats waar de Jansbeek in de stadsgracht stroomde. Resten van  molengebouwen bevinden zich nog in de grond van het spoorwegtalud en de Jansbuitensingel.

Schavenmolen

Schavenmolen   Molenbeek

In 1302 wordt deze korenmolen voor het eerst genoemd. In 1709 werd de molen omgebouwd tot papiermolen. Begin 19e eeuw was de molen nog steeds in bedrijf. De molen is rond 1930 afgebroken ten behoeve van de bouw van villa ‘Molenbeke’. De Schavenmolen heeft schuin tegenover het huis ‘Nijenstein’ op de oostelijke hoek van de Willem van Gulikstraat en de Velperweg gestaan. De naam Schavenmolenstraat houdt de herinnering levend.