Heelsumse beken

Papiermolenbeek sprengenbeek Open in Atlas
Wolfhezerbeek sprengenbeek Open in Atlas
Heelsumsebeek sprengenbeek Open in Atlas

 

Papiermolenbeek, Wolfhezerbeek en Heelsumsebeektop
In het Heelsums beekdal stromen drie sprengenbeken: de Papiermolenbeek, de middelste en langste in het beekdal, de Wolfhezerbeek, de meest noordelijke beek, en de Heelsumsebeek, de zuidelijke beek. Op delen van het beekdal zijn nog maar twee beektakken aanwezig. De Papiermolenbeek stroomt nu uit in de Wolfhezerbeek. Er loopt nog een droge beekloop van deze Papiermolenbeek naar de Papiermolen De Kamp bij Kabeljauw toe, maar een deel van dit droge beekdeel is ter plaatse van de akker, Noord Oostelijk van Kabeljauw, vergraven en niet meer zichtbaar. De beken komen samen en stromen dan als Heelsumsebeek naar de Neder-Rijn.

De benedenloop van de Heelsumsebeek, met een aangelegde natte zone

De benedenloop van de Heelsumsebeek, met een aangelegde natte zone

Ooit hebben sprengen bij Terlet de beken in het Heelsums beekdal gevoed. De spoorlijn Arnhem-Utrecht loopt over een dijk door het beekdal en hierin liggen enkele grote duikers als waterdoorlaten. Bij de aanleg van de spoordijk in 1840 werd nog rekening gehouden met periodiek grote watertoevoer. (Dit gebeurde bij dooi na veel sneeuwval als de ondergrond bevroren was.) Er is veel vergraven vooral in het middengedeelte. Hierdoor is het niet goed mogelijk aan te geven wat waar aan de beek gestaan heeft. In het Heelsums beekdal waren acht watermolens aanwezig. Deze zijn allemaal verdwenen op enkele gebouwen na.

Aan de oorspronkelijke natuurlijke Heelsumsebeek stond in het midden van de 16e eeuw een korenmolen. De Eerste Heelsumse Papiermolen werd al voor 1602 gebouwd, maar was in 1639 weer verdwenen. De molen stond iets ten zuidwesten van de kerk van Heelsum. In de omgeving werd dertig jaar later de (Tweede) Heelsumse Papiermolen gebouwd. Voor deze molen werd een nieuwe beekbedding gegraven. Deze opgeleide beek lag in een rechte lijn langs de landweg ‘Aan de Beek’. Van 1669 tot 1836 functioneerde de molen als een papierwatermolen, toen werd er een windmolen bij gebouwd. Hierdoor konden wind- en waterkracht afzonderlijk èn tegelijk werken. De Molen De Veentjes aan de Heelsumsebeek moet in het begin van de 17e eeuw zijn gesticht. Omstreeks 1693 werden nog twee papiermolens gebouwd, een windmolen (de latere Pannekoekmolen) en een watermolen de Papiermolen De Kamp aan de Wolfhezerbeek. Aan de bovenloop van de Wolfhezerbeek heeft een papiermolen gestaan, de Molen te Wolfheze. Deze molen was omstreeks 1718 al verdwenen. Mogelijk was dit de opvolger van de vroegere korenmolen bij het Wildforstersgoed. (Een ‘wildforster’ was als leenheer belast met het toezicht op een goed: gebied met daarop een kasteelachtig gebouw. In dit geval het toenmalige Wiltforster goed Wolfhesen.) De middelste beek, de Nieuwe of Papiermolenbeek, is aangelegd in 1728. Nog in hetzelfde en volgende jaar werden er vier papiermolens aan gebouwd: de beide Kabeljauwmolens (de naam komt van een lompenhandelaar uit Dordrecht die de bouw van beide molens financierde om zo z’n lompen te kunnen verwerken) en de beide Papiermolens op De Drieskamp. De Papiermolenbeek begint ten oosten van hotel Wolfheze, dicht bij de spoorlijn. Hier liggen diep ingegraven sprengen. De diepte was nodig om bij het grondwater te komen.

Vlak achter hotel Wolfheze stond de 1000-jarige den, die in werkelijkheid ongeveer 360 jaar oud was. Het is de oudste grove den van Nederland. Op deze glooiende hellingen werd in 1863 het eerste Evangelische Nationale Zendingsfeest gehouden. Uit het hele land stroomden mensen hier samen. Het moet een indrukwekkend gezicht zijn geweest, al die mensen op de hellingen en de predikers beneden bij de beek.

Dichtbij hotel Wolfheze voert de beek altijd water. Dat komt omdat het hotel hier grondwater oppompt om de kelders droog te houden. Dit water wordt benut om de vijver van water te voorzien. Dit gebied is één van de vroege aankopen van Natuurmonumenten.

De Wodanseiken in het Heelsums beekdal

De Wodanseiken in het Heelsums beekdal

De Wodanseiken hier zijn tussen 400 en 600 jaar oud. Ze hebben erg veel last van de dalende grondwaterstand. Eén dikke eik is al in de 20’er jaren van de 20e eeuw op anderhalve meter afgezaagd; het is nu echt een kunstwerk, prachtig begroeid en een plek waar veel mensen zich laten fotograferen.

Kunstwerk in een afgezaagde Wodanseik

Kunstwerk in een afgezaagde Wodanseik

Waar nu een bruggetje ligt, kruist een oude hessenweg de beeklopen. De karrensporen van deze weg zijn nog te zien; ze lopen handig via een erosiegeul naar boven. Dit was onder andere de hessenweg van onderaan het Seelbeekdal, bij de doorwaadbare plaats door de Rijn, richting Planken Wambuis en Ginkel, waar de weg aansloot op de hessenweg van Arnhem richting Amersfoort.

Iets ten zuiden van het hiervoor genoemde bruggetje stond waarschijnlijk een korenmolen (het is niet duidelijk welke) aan de Heelsumsebeek. Langs deze weg liggen veel grafheuvels, waaronder aan de noordkant een grote met een berk erop. Dit is de Koningsheuvel, zo genoemd vanwege de rijke grafgiften die erin zijn gevonden. Bij de boerderij ‘de Kabeljauw’ lagen eens de twee Papiermolens op de Kabeljauw tegenover elkaar. De boerderij ‘de Kabeljauw’ is gebouwd op de fundering van de noordelijke papiermolen. Naast de boerderij Kabeljauw 13 stond watermolen De Kamp. Aan de noordkant van de A50 stond de Heelsumse korenmolen. Op deze plek stond het gebouw van de graanmaalderij Roozenboom. De beekloop is hier door de aanleg van de A50 totaal gewijzigd.

Papierfabriek Schut BV met rechts de beek

Papierfabriek Schut BV met rechts de beek

Waar nu de papierfabriek Schut & Zn. ligt, stond vroeger de molen De Veentjes ook wel Schutsmolen genoemd. De familie Schut bezat meer papiermolens in dit dal, maar ook in Oosterbeek. De beeklopen zijn bij de aanleg van de A50 ingrijpend gewijzigd. Eén van de twee papiermolens op ‘De Drieskamp’ werd de ‘Heelsumsche Stoom- Wasch- en Strijkinrichting De Drieskamp’ De gebouwen staan er nog. Dit was één van de allereerste watermolens die werd omgebouwd tot wasserij.

Onderaan de Noordberg kruist het wandelpad vanuit Renkum de Heelsumse beek. Hieronder was een ‘vishek’ aangebracht, waarmee vis (o.a. forel) werd gevangen voor de bewoners van kasteel Doorwerth. Nog steeds wordt dit bruggetje het ‘vishek’ genoemd. Het wandelpad was een onderdeel van de Fonteinallee, de weg van kasteel Doorwerth naar de Utrechtseweg in Renkum.

Het waterschap Vallei en Veluwe heeft in het kader van voldoen aan de eisen van de Kaderrichtlijn Water (KRW), de loop van de beek in de uiterwaarden bij de Jufferswaard in 2015 gewijzigd.  De beekloop is naar het westen verlegd en aangesloten op de monding van Sloot Renkum achter de papierfabriek Parenco waar ook een vistrap is gemaakt. De oude uitmonding van de beek krijgt incidenteel water uit de beek.

 

Overzicht aanleg nieuwe loop Heelsumse beek in Jufferswaard

Overzicht aanleg nieuwe loop Heelsumse beek in Jufferswaard

 

De nieuwe vistrap/uitmonding van de verlegde Heelsumse beek in de Jufferswaard.

De nieuwe vistrap/uitmonding van de verlegde Heelsumse beek in de Jufferswaard.