Hertogelijke watermolen

Hertogelijke watermolen Sint Jansbeek

De met deze fantasienaam aangeduide watermolen heeft gestaan aan de Beekstraat, ten Zuidwesten van de kapel van het St. Agnietenklooster, momenteel de Waalsekerk. Bekend is dat in 1291 jonkvrouw Maria van Gelre, de zuster van graaf Renaud I (Reinald) van Gelre en Zutphen, daar een stuk grond in bezit had. Dat stuk grond met watermolen binnen de wallen aan de St. Jansbeek schonk zij in 1299 voor het stichten van een gasthuis. Deze instelling, het St. Catharina Gasthuis, is in de Bakkerstraat gesticht en door een ruil in 1636 op de plaats van het St. Agnietenklooster gevestigd. Op het grondstuk in de buitenbocht van de St. Jansbeek heeft de molenwerf met huis en erf “ De Houve” gelegen. Hier recht tegenover lag de abdij van Prum in de nabijheid van de visvijver van Winekinus (of Winandus, Winand van Arnhem) tussen beek en stadsmuur ten noordwesten van de kerk.

De valhoogte van de molen zal niet hoog zijn geweest, omdat in dit gedeelte in de loop der eeuwen door erosie veel zandafzetting in de smeltwater- regenbeek is ontstaan. Hierdoor waren er problemen met de waterafvoer van de beek omstreeks begin van de 13e eeuw. Ook is de beek door verlegging wat langer geworden toen deze binnen de wallen, aan de binnenzijde van de verdedigingswerken en Achter den Broeren, parallel aan de Rijnstroom te liggen., kwam te liggen.

Door deze opstuwing in de langere onderbeek werd de valhoogte voor het waterrad kleiner. Op een deel van dit stuk grond kwam de St. Walburgiskerk te liggen, waarvoor in 1423 door de Reguliere Kanunniken, ook wel domheren genaamd, die van Tiel naar Arnhem werden verplaatst, een begin werd gemaakt

Dicht bij de Hertogelijke watermolen werd in 1429 de beekloop op de Olden of Grote Marckt bij de Grote of St. Eusebiuskerk overwelfd. De beekloop doorsneed het marktplein in twee delen en veroorzaakte veel stankoverlast. Op enkele plaatsen werden in deze overwelving toegangskokers gemaakt, die in het wegdek door houten luiken werden afgesloten. Voor het schoonmaken daalden stadsknechten via toegangskokers af naar de ondergronds stromende St. Jansbeek. Door middel van handkracht werd het slib met de nodige afvalstoffen in een mand geschept en naar boven gehesen. Een vervelend, zwaar en vies karwei. In het begin van de 18e eeuw gaf de Magistraat last, de stadsbeek iedere week eenmaal te laten aflopen en te ruimen en schoon te maken, terwijl het streng verboden werd er secreten op te laten uitlopen.

In deze link is een interessante 3D video te zien van het voormalige complex van het St. Agnietenklooster, waar dus de hiervoor beschreven Hertogelijke molen een onderdeel van uitmaakte.

In onderstaande plattegrond is de voormalige locatie van de Hertogelijke molen goed te zien.