Oliemolen Eerbeek

In de Wijerd hebben een tweetal artikelen over de heropening van de Oliemolen in Eerbeek gestaan (nummers 1 en 2 van 2008). Hieronder volgt de tekst van beide artikelen.

Aandrijving Oliemolen Eerbeek – Albert Bongers

Oliemolen Eerbeek
Na 90 jaar stilstand weer in bedrijf

Op vrijdag 16 november 2007 werd na een grondige restauratie de Eerbeekse Oliemolen in werking gesteld. De officiële opening werd verricht door de Gelderse gedeputeerde A. van der Kolk, samen met de Brummense burgermeester N. Joosten.
De oliemolen werd rond 1860 gebouwd naast en als nevenbedrijfje van de korenmolen. Deze korenmolen werd al in 1395 genoemd als behorend bij het Huis te Eerbeek. In de oliemolen werd o.a. ‘beuk geslagen’, d.w.z. olie geperst uit zaden van beukenootjes. Hiermee kon men de fijnste pannenkoeken bakken.

In de Eerste Wereldoorlog is de molen voor het laatst in bedrijf geweest. In 1966 werd het bedrijfje nog gerestaureerd. Hierbij werd tevens de naastgelegen korenmolen afgebroken.
De oliemolen, de enige met waterkracht aangedreven oliemolen op de Veluwe, heeft de status van rijksmonument. De inwerkingstelling was tevens mogelijk geworden dankzij de papierfabriek Coldenhove, waar de grondwaterpomp op de beek geplaatst werd en er voldoende water was om het rad aan te drijven.
Eigenaar Johan van Zadelhoff sprak de diepgewortelde wens uit dat de sprengen en de beek opgeknapt zouden worden zodat er in de toekomst op natuurlijke wijze voldoende water zou zijn.

Jacques Meijer

 

Oliemolen Eerbeek – vervolg heropening

In de vorige aflevering van De Wijerd kon een bijdrage over de heropening van de Eerbeekse Oliemolen vanwege plaatsgebrek niet volledig geplaatst worden. In deze editie daarom het vervolg.

Beuk slaan
Op de Veluwe was het indertijd gebruikelijk ‘beuk te garen’, d.w.z. beukenootjes te verzamelen, om hieruit olie te bereiden, het zogeheten ‘beuk slaan’. Tijdens de heropening werd dit ‘beuk slaan’ gedemonstreerd door het molenaarsechtpaar Mark den Boer en Ada Meurs. Zij werken als vrijwillig molenaars op de windmolen ‘De Passiebloem’ in Zwolle.
Na afloop kregen enkele genodigden, w.o. gedeputeerde Van der Kolk en burgemeester Joosten een flesje olie uitgereikt uit handen van Johan van Zadelhoff.

Ter gelegenheid van deze feestelijke gebeurtenis schreef Mark den Boer het hiernaast vermelde gedicht. Hierin wordt duidelijk aangegeven waar de problemen van de oliemolen liggen, namelijk een onvoldoende watervoerendheid van de beek. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door de verzande sprengkoppen en de lekkende beek. De ‘heropening’ kon slechts geschieden dankzij de pomp van Coldenhove Papier, die grondwater in de beek pompte. Op termijn moet behalve aan beekherstel ook gedacht worden aan vermindering van de grondwater-onttrekkingen in dit gebied.
Sinds de opening van de Oliemolen heeft een onderhoudsploeg van Waterschap Veluwe enige opruimwerkzaamheden verricht in de Coldenhovense beek bovenstrooms van de Harderwijkerweg. Als gevolg van een belemmering liep er water vanuit de beek het bos in. De molen heeft nadien ongeveer vijfmaal op waterkracht kunnen werken zonder water op te hoeven pompen. Johan van Zadelhoff hoopt dat dit in de toekomst vaker zal gebeuren. Hij is gestart met het volgen van een molenaarsvakcursus bij Mark en Ada.
Tijdens de Nationale Molendag heeft de molen weer gedraaid m.b.v. opgepompt water. Rest ons nog te vermelden dat de restauratie een initiatief was van de familie Van Zadelhoff, de gemeente Brummen, de Rijksmonumentendienst, de Stichting het Geldersch Landschap en Geldersche Kasteelen, Provincie Gelderland en Waterschap Veluwe, en behalve door deze instanties mede financieel ondersteund werd door donaties van diverse particulieren en bedrijven.

 

Jacques Meijer.

 

Regelgeving voor de Oliemolen – Albert Bongers