Herinrichtingswerkzaamheden Leuvenumse beek

In de Wijerd 1 van 2014 is een artikel opgenomen over de Herinrichtingwerkzaamheden van de Leuvenumse beek door Natuurmonumenten en het Waterschap Vallei&Veluwe. In dit artikel is op blz. 22 sprake van zandsuppletie in de beek vanuit hopen plagzand, welke langs de beek zijn gelegd.

Vandaag was ondergetekende in het gebied en heeft de bijgevoegde foto’s genomen van het effect van de zandsuppletie, welke bij wisselend hogere waterstanden in de beek plaats vindt. U kunt op de foto’s zien dat in de beek zandruggetjes worden gevormd met lokaal diepere en minder diepe stromingsprofielen. Op een aantal plaatsen ontstaan grindbankjes.

20140416_141151 20140416_140837

Volgens Natuurmonumenten is het effect dat nu op de ondiepe zandbankjes de rivierdonderpad ligt te zonnen en de grindbankjes zijn positief voor parende beekprikken.

Dit is overigens nog maar een eerste begin maar het is wel zo leuk om dit effect vast te leggen en te melden. Van Natuurmonumenten hoorden wij ook dat benedenstrooms veel jonge winde in de beek aanwezig is.

20140416_141239 20140416_141213

Wij zullen proberen u op de hoogte te houden in dit gebied.

Na 15 juli zullen Natuurmonumenten en Waterschap de werkzaamheden vervolgen met het opengraven van een aantal oude beekmeanders en het dempen van de naastgelegen rechte beektrajecten. Deze werkzaamheden zullen duren tot begin oktober.

Wiebe Kiel

 

Herinrichtingswerkzaamheden Leuvenumse beek – 2014

Op dinsdag 7 januari jl. hebben ondergetekende, Jacques Meijer en Wanda de Winter onder leiding van boswachter Mirte Kruit van Natuurmonumenten (NM) een bezoek gebracht aan delen van de Leuvenumse beek, welke binnenkort en in de loop van 2014 zullen worden aangepast (zie ook dit artikel). Het Waterschap Vallei &Veluwe voert deze werkzaamheden uit. Natuurmonumenten hecht veel waarde aan het informeren van ons als belangenorganisatie over de komende werkzaamheden.

Onze aandacht ging op dat moment vooral uit naar de Rode Spreng, vlakbij Landgoed Leuvenum. Deze spreng, die begint bij de Jonkheer Dr. C.J. Sandbergweg, zal worden gedempt omdat uit onderzoek blijkt dat hiermee een natuurlijk bronsysteem kan worden hersteld. Dit is dan ten gunste is van de natuurontwikkeling welke vooral bestaat uit vernatting van het bosgebied in dat gebied door het aanwezige kwelwater.

Plankaart gebied rode spreng

Plankaart gebied rode spreng

Wij hebben gezamenlijk de situatie ter plekke beoordeeld en begrijpen deze afweging van Natuurmonumenten. De Bekenstichting heeft hierbij gepleit voor behoud van de oorspronkelijk beekwallen als cultuurhistorisch relict. Eerder was ook een informatieavond gehouden voor bewoners en gebruikers van percelen in het gebied. Hierbij is Jacques aanwezig geweest. Natuurmonumenten heeft toegezegd dat beekwallen bij de werkzaamheden niet worden aangetast. De spreng zal met gebiedseigen zand (plagzand) worden gedempt. Het gebied zuidelijk van de Rode Spreng zal hierdoor vernatten, hetgeen allerlei mooie kansen geeft voor de ontwikkeling van bijzondere planten. Deze ontwikkeling is in dit gebied al ingezet.

Oorspronkelijke situatie Rode spreng

Oorspronkelijke situatie Rode spreng

2014-02_IGP0006

Oorspronkelijke situatie Rode spreng

Verder worden werkzaamheden uitgevoerd aan het Achterste gat, waar o.a. een vispaaiplaats zal worden aangelegd. Uit onderzoek blijkt dat tot aan de Zandmolen het infiltratieverlies van de beek beperkt is. Hierbij is beleming van de bodem in principe niet nodig. Men streeft ernaar het natuurlijk karakter te behouden, waarbij nu eenmaal soms droogval plaats vindt en soms door veel regenval overstroming van delen van het bos plaats vinden.

In het gebied tussen de Zandmolen en de A28, waar de beek langs de Poolse weg loopt, liet Mirte Kruit zien waar oorspronkelijke beeklopen zullen worden hersteld en delen van de huidige beek worden gedempt. Hierdoor zal een meer natuurlijke meandering plaats gaan vinden van de beek. Ook zijn we bij enkele karakteristieke plaatsen langs de beek geweest, zoals het “Heyligenhuys” en het “Heineken traject”. Dit laatstgenoemde traject zal niet worden ingericht omdat er teveel water wegzakt in de bodem.

De werkzaamheden worden vanaf week 3 uitgevoerd. Men begint met het kappen van bomen ten behoeve van de toegankelijkheid van materieel.

Topografische overzichtskaart Leuvenumse beek

Topografische overzichtskaart Leuvenumse beek

De getoonde kaarten zijn afkomstig uit het in opdracht van het waterschap opgestelde rapport “Ecohydrologische veldonderzoek dal Leuvenumse beek”.

Natuurmonumenten heeft aansluitend op deze bijeenkomst de Bekenstichting opnieuw uitgenodigd voor een excursie op woensdag 29 januari. De aannemer was nu begonnen met het aanbrengen van houtpakketten in de beek en men wilde ons en een aantal buurtbewoners laten zien hoe dat in zijn werk ging en met welk doel men dit deed.

We vertrokken vanaf de parkeerplaats aan het begin van de Poolseweg en zijn lopend een groot deel van het beektraject van de Leuvenumse beek langs gegaan tot aan het ‘Heyligenhuys’ dat vroeger op de rechter beekoever was gesitueerd, aldus de Veluwekaart 1802-1812 van kolonel M.J. de Man. Het doel van het aanbrengen van deze houtpakketten is een zekere “verstopping” van de beek te realiseren, waarbij dan bij normale beekafvoeren, in zowel zomer als winter het water het naastgelegen bosgebied kan instromen. Bij veel regenval zal dit eveneens plaats vinden op nog een aantal andere plaatsen, waarbij die gebieden tevens als waterberging dienen. In het begin van de beek is dit met zeer beperkte hoeveelheden takken of stammetjes gedaan, maar hoe verder we stroomafwaarts kwamen hoe zwaarder de pakketten zijn gemaakt. Rob Gerritsen van het Waterschap Vallei en Veluwe heeft hierover al eens eerder in de Wijerd (zie Wijerd december 2012, jaargang 33, nr.4) geschreven. Door de houtophopingen ontstaan verschillende effecten. Zand zal deels door de houtversperring worden vastgelegd en er ontstaan nieuwe voorkeurstromingen in de beek. Het doel is dat een beter ecologisch evenwicht ontstaat. Hierdoor zal beter aan de KRW richtlijnen kunnen worden voldaan.  Zoals weergegeven vernat het bos op een aantal plaatsen en dat kan aanzienlijk zijn. Op een aantal plaatsen zal dit redelijk snel weer in de bodem wegzijgen, maar ook kunnen er plaatsen zijn waar het water langer wordt vastgehouden. In het bos zal dus lokaal een vernatting plaats vinden, waardoor andere planten een kans krijgen.

2014-02 naamloos-0010
2014-02 naamloos-0004
2014-02 naamloos-0013

De kunst nu van deze werkzaamheden is, en daar zien Waterschap en Natuurmonumenten beiden op toe, dat  niet te veel vernatting mag plaats vinden in het bovenstroomse deel van de beek, waardoor bewoners en perceelgebruikers langs de Oude Zwolse weg en de Jhr. Dr. C.J. Sandbergweg en het gebied van Staverden van GLGK er geen last van krijgen. Verder mag er ook weer niet zo veel water worden vast gehouden dat er structurele droogval optreedt in het benedenstroomse beekdeel in het gebied westelijk van de A28. Ook moet vis stroomopwaarts langs de versperringen kunnen blijven komen. De verwachting is ook dat grindlagen vrijkomen door de stroming, waardoor er ook meer paaiplaatsen voor de beekprik ontstaan.  Dat betekent dus dat het project ook een experiment is. Op een aantal plaatsen langs de beek zijn hopen plagzand neergelegd. Deze zandsuppletie is bedoeld om in het geval dat de beek te diep wordt uitgesleten door de stroming, dit zand toe te voegen. Hoe dit uitpakt moet de praktijk nog uitwijzen. Natuurmonumenten kent het gebied erg goed en al vrij snel kan men zien wat het effect is van een zekere houtophoping op een bepaald beekdeel.  Het werk wordt door de aannemer in regie uitgevoerd en er wordt dan ook zo nu en dan wel eens wat aangepast in deze kunstmatige houtbarrières. De aannemer werkt met klein materieel en ook wordt een stevig Belgisch paard ingezet om stammen te verplaatsen in het bos.

De werkzaamheden zijn voor wat betreft het aanbrengen van de houtophopingen eind februari gereed. Na het broedseizoen zullen de werkzaamheden worden vervolg met de ontgraving van oude beeklopen in het gebied tussen de Zandmolen en de Doorbraak en tussen de Doorbraak en de A28. De bestaande beekdelen zullen hier worden gedempt. Ook hier zullen situaties worden gerealiseerd waarbij het beekwater bij hoge beekafvoeren vrij het bos in kan stromen.

Een ander aardig experiment vindt plaats in het gebied aan het begin van het traject langs de Poolseweg, voor het deelgebied het Achterste Gat. In dit gebied zijn maatregelen genomen, middels stuwtjes om het beekwater tot een zeker niveau op te stuwen over het naastgelegen land. Hierdoor zal het in hoge concentraties aanwezig fosfaat in de bodem op natuurlijke wijze worden uitgeloogd en via de beek worden afgevoerd. Dat is een proces dat wel enkele jaren in beslag zal nemen. Uiteraard zal in de beek en in dit gebied een monitoring worden opgezet.

Natuurmonumenten zal ons van het verloop van de werkzaamheden op de hoogte houden. Verder heeft Natuurmonumenten aangegeven dat zij bereid zijn voor onze stichting in het najaar een excursie te organiseren (oktober). Zij willen daarbij graag met ons in discussie gaan over hoe wij als stichting tegenover deze vernattingprocessen staan. Ook dient zich dan de vraag aan tot hoever de Bekenstichting hiermee akkoord kan en wil gaan vanuit het behoud van de beken en sprengen als belangrijke cultuurhistorische objecten. U hebt al kunnen lezen dat het voornemen is om de Rode Spreng te dempen. Ook hier is de aannemer inmiddels gestart met het uitbaggeren van de spreng die wordt gedempt en het aanbrengen van plagzand uit het gebied zelf om de beek te dempen. Een foto van het dempen is bij dit artikel opgenomen.

Werkzaamheden dempen Rode Spreng

Werkzaamheden dempen Rode Spreng

Mocht u in de buurt zijn, dan is het aan te bevelen in dit gebied eens te gaan kijken om te zien welke effecten de werkzaamheden hebben. Maar vergeet uw laarzen dan niet.

Wiebe Kiel – AB-lid Bekenstichting – 6 februari 2014

(Update: Op 10 februari werden de werkzaamheden rond het dempen van de Rode Spreng opgeleverd. Zie hier voor het persbericht van Waterschap Vallei en Veluwe.)

Van de aansluitende werkzaamheden na het broedseizoen in de loop van dit jaar een vervolgartikel worden gepubliceerd.