Waar blijft het water?

Minisymposium “Waar blijft het Water” op 16 september 2015 in de Koperen Kop op Nationaal Park De Hoge Veluwe.

Een breed consortium van kennisinstellingen, bedrijven en overheidsinstellingen  (KRW, Provincie Gelderland, Ws. Vallei & Veluwe, Alterra, STOWA, Vitens, KNMI en de firma Eijkelkamp, alsmede het Nationale Park zelf) nam deze dag een meetstation in gebruik voor het meten van de werkelijke verdamping aan de bodem.  De meetopstelling in een heidegebied in het park werd later deze dag bezocht.

Deel van de meetopstelling.

Deel van de meetopstelling.

De noodzaak tot nauwkeuriger metingen wordt ingegeven door o.a. bezuiniging op het natuurbeheer, verstedelijking in ons land en introductie van nieuwe gewassen en productiemethoden.

De Waterbalans van de Veluwe, maar ook van geheel Nederland geeft aan dat naast een gebruik van 45% van het regenwater als drinkwater, door industrie, voor gewasberegening en afvoer door beken, ca 55% van het regenwater verdampt.  Welke factoren die verdamping nu precies veroorzaken en waar dit nu exact plaats vindt, moet nauwkeuriger worden gemeten. Ingeschat wordt dat momenteel  een foutmarge  van 10-20% aanwezig kan zijn in die bepaling van de hoeveelheid water die verdampt. Met die veel betrouwbaarder data zijn beleidsmakers en instanties beter in staat te sturen op ontwikkelingen in de toekomst. Elk deelnemend bedrijf/instantie heeft zo zijn eigen redenen waarom met meedoet in dit meetproces.

Aan de hand van voorbeelden werd getoond hoe bijv. in Brabant de beschikbare hoeveelheid drinkwater sinds 1950 sterk is afgenomen als gevolg van toename van gewasproductie. In het Kootwijkerzand is sinds 1911, toen het gebied nog vrijwel geheel kaal was, de bebossing enorm toegenomen en is de verlaging van de grondwaterstand als gevolg van verdamping en inname door gewassen sterk vergroot.

meetapparatuur Hoge Veluwe

Technische meetapparatuur, welke in de bodem wordt geplaatst.

Het is de bedoeling dat over een periode van 10-15 jaar wordt gemeten. Per provincie komen twee meetopstellingen. In deze bijdrage voert het te ver om op de technische kant van de zaak in te gaan.

Ik vond het verheugend vast te stellen dat van de totale hoeveelheid water, welke per jaar op de Veluwe valt, nl. 1037 milj. M3, slechts 5% wordt afgevoerd via (sprengen)beken en hierin is niet meegerekend de hoeveelheid water welke door Vitens wordt teruggepompt als compensatie.

Een interessante bijeenkomst, die naar verwachting over een aantal jaren de gewenste data levert waarmee betere uitspraken kunnen worden gedaan over verdroging en maatregelen daartoe beter onderbouwd kunnen worden genomen.

Wiebe Kiel

Lid Dagelijks Bestuur Bekenstichting

NB. Flip Witte, adviseur van onze stichting is verbonden aan KRW Watercycle Research Institute, mede organisator van dit symposium.